2019-12-20

Fiscale successieplanning draait vaak om één vraag: in welke mate en op welke wijze bent u bereid zich te verarmen, teneinde de successiefactuur te milderen? In ons Belgisch recht worden we immers geconfronteerd met het principe ‘donner et retenir ne vaut’, of eenvoudigweg ‘gegeven is gegeven’. Toch kan de overdracht van eigendom gebeuren met behoud van controle en/of van inkomsten. Maar het nieuwe erfrecht en de hervorming van de erfbelasting hebben wel een impact op het inkomstenbehoud voor de langstlevende echtgeno(o)t(e): een evaluatie.

Schenken met inkomstenbehoud na de hervormingen

 

Fiscale successieplanning draait vaak om één vraag: in welke mate en op welke wijze bent u bereid zich te verarmen, teneinde de successiefactuur te milderen? In ons Belgisch recht worden we immers geconfronteerd met het principe ‘donner et retenir ne vaut’, of eenvoudigweg ‘gegeven is gegeven’. Toch kan de overdracht van eigendom gebeuren met behoud van controle en/of van inkomsten. Maar het nieuwe erfrecht en de hervorming van de erfbelasting hebben wel een impact op het inkomstenbehoud voor de langstlevende echtgeno(o)t(e): een evaluatie.

Wil je op de hoogte blijven van de recentste ontwikkelingen? Ontvang geregeld een mail met de nieuwe artikels! Schrijf je hier in voor onze nieuwsbrief

Schenken met inkomstenbehoud

De schenking met inkomstenbehoud kan verschillende vormen aannemen. De twee meest voor de hand liggende vormen zijn de schenking met voorbehoud van tijdelijk of levenslang vruchtgebruik, en de schenking onder last voor de begiftigde om aan de schenker een periodieke lijfrente te betalen.

In het geval van het voorbehoud van vruchtgebruik is de schenker onderworpen aan de economische risico’s die verbonden zijn aan het inkomstenbehoud. Een klassiek vruchtgebruik bestaat uit huurinkomsten, interesten en/of dividenden, welke niet steeds een zekerheid vormen. De inkomsten van de schenker zullen dus afhangen van het rendement van de geschonken goederen. Niets belet u om het vruchtgebruik conventioneel uit te breiden naar andere mogelijke inkomsten (vb. de gerealiseerde meerwaarde) om de schenker-vruchtgebruiker meer financieel comfort te bieden. In dat geval adviseren we om met derden, zoals bijvoorbeeld de financiële instelling, afspraken te maken rond de mogelijke doorstorting van deze ‘conventionele vruchten’ in het voordeel van de vruchtgebruiker.

De schenking onder last om periodiek (maandelijks, per kwartaal, jaarlijks,…) een lijfrente te betalen aan de schenker, legt het economisch risico net bij de begiftigde. Hij zal immers op periodieke basis een vastgesteld bedrag dienen te betalen aan de schenker, ongeacht het onderliggende rendement van de geschonken goederen. Anderzijds moet er over gewaakt worden dat de last geen al te grote proporties aanneemt. Vooral op fiscaal vlak is dit een heikel punt gebleken: in een voorafgaande beslissing (nr. 16046 d.d. 14 november 2016) was de Vlaamse Belastingdienst van oordeel dat de waarde van de lijfrente in combinatie met de levensverwachting van de schenkers, tot gevolg had dat de schenking diende te worden gekwalificeerd als een overeenkomst ten bezwarende titel. Het gevolg hiervan was dat door toepassing van de fictiebepalingen, de geschonken waarde alsnog zou belast worden in de nalatenschap van de schenkers! In de schenkingsakte worden dus best de nodige ‘checks & balances’ ingebouwd om dit soort onaangename fiscale discussies te vermijden.

Het inkomstenbehoud in hoofde van de langstlevende (schenker-)echtgenoot

Het nieuwe erfrecht heeft wat betreft het schenken met inkomstenbehoud vooral een impact op de positie van de echtgeno(o)t(e), al dan niet mede-schenker, van de eerst stervende schenker. Wanneer de echtgenoten samen goederen willen schenken met voorbehoud van vruchtgebruik, en ze willen dat na het overlijden van de eerst stervende, de langstlevende het vruchtgebruik over alle geschonken goederen alleen blijft voortzetten, dan kan dit nog steeds best georganiseerd worden in de schenking zelf. Hoewel de wetgever op erfrechtelijk vlak (wettelijk toegekend opvolgend vruchtgebruik of WTOV; art. 858bis BW) tegemoet is willen komen aan de afschaffing van de inbreng ten aanzien van de langstlevende echtgeno(o)t(e), blijven er vele nadelen verbonden aan dit vangnet. Het biedt weinig zekerheid voor de langstlevende, het vruchtgebruik op het deel van de eerst stervende wordt in hoofde van de langstlevende belast in de erfbelasting, en er worden via deze weg geen conventionele modaliteiten op papier gezet omtrent dit vruchtgebruik. Daarentegen zal de conventioneel bedongen last voor de begiftigde om het vruchtgebruik volledig aan de langstlevende te laten, fiscaal niet gepenaliseerd worden. Verder kunnen er in de schenkingsakte allerlei modaliteiten worden voorzien omtrent dit conventioneel ‘voortgezet’ vruchtgebruik (zoals onder meer de beëindigingsgronden, afspraken omtrent eventuele omzetting van het vruchtgebruik).

Indien slechts één van beide echtgenoten zou schenken (vb. een goed uit het eigen vermogen, of in een stelsel van scheiding van goederen), dient eveneens op het moment van de schenking te worden nagedacht over het lot van het vruchtgebruik bij overlijden van de schenker. Wil de schenkende echtgeno(o)t(e) dat na zijn overlijden zijn echtgeno(o)t(e) het vruchtgebruik kan verderzetten, dan zal ook hier best een terugval voorzien worden in de schenkingsakte, eerder dan te vertrouwen op de toepassing van het WTOV. De motivatie is hier deels dezelfde, ook op fiscaal vlak. De terugval van het vruchtgebruik werd immers expliciet uit de toepassing van de fictiebepaling (art. 2.7.1.0.3. VCF) gehaald, waardoor deze terugval niet zal belast worden in de erfbelasting, maar wel in de schenkbelasting, of, afhankelijk van het ‘fiscaal parcours’ dat de schenking heeft gevolgd, zelfs niet wordt belast.

Ingeval van een schenking met last voor de begiftigde een lijfrente te betalen aan de schenker(s), blijft de Vlaamse Belastingdienst bij haar standpunt (Standpunt nr. 16092 d.d. 14 november 2016). Ongeacht beide echtgenoten samen schenken en de lijfrente bij overlijden van de eerst stervende aanwast in het voordeel van de langstlevende, dan wel slechts één van beiden schenkt en de lijfrente bij overlijden terugvalt ten voordele van de andere echtgenoot, de fiscus past in beide gevallen een fictiebepaling toe (art. 2.7.1.0.6. VCF). Dat wil zeggen dat de langstlevende in de erfbelasting zal belast worden op – naargelang het geval: de helft – van de gekapitaliseerde waarde van de lijfrente. Een betwistbaar standpunt, zowel wat betreft het toepassingsgebied van deze fictiebepaling, als de mogelijkheid om in een aantal situaties (van aanwas) het tegenbewijs te moeten kunnen leveren.

Overgangsrecht

En dan zijn er nog de schenkingen die voor 1 september 2018 – datum waarop het nieuwe erfrecht in werking is getreden – hebben plaatsgevonden, maar de schenker pas na die datum overlijdt. In de overgangsbepalingen werd voorzien dat de kwalificatie of een schenking op voorschot van erfdeel (inbreng) dan wel buiten erfdeel is, wordt beoordeeld op het moment van de schenking. Dat wil voor de rechten van de langstlevende echtgenoot zeggen dat bij schenkingen gedaan voor 1 september 2018 moet worden geverifieerd of:

  • de schenking heeft plaatsgevonden op voorschot, waardoor ook na 1 september 2018 de inbrengplicht ten aanzien van de langstlevende echtgenoot blijft gelden voor wat betreft deze schenkingen, en;
  • de echtgenoot geen toestemming heeft gegeven in de zin van de vorige versie van artikel 858bis, 2e lid BW. In dat geval zou de toestemmende echtgenoot immers toch geen recht op inbreng hebben ten aanzien van de voor 1 september 2018 geschonken goederen.

Deze overgangsregel lijkt vrij helder. En toch zijn niet meteen alle zorgen omtrent het inkomstenbehoud van de langstlevende van de baan. Zo zorgen de nieuwe bepalingen omtrent het WTOV voor onzekerheid voor wat betreft de schenkingen (met voorbehoud van vruchtgebruik) die voor 1 september 2018 hebben plaatsgevonden, en waarbij de schenker na deze schenking een nieuw huwelijk is aangegaan. Wat zijn de rechten van deze nieuwe echtgeno(o)t(e) ten aanzien van deze vroegere schenking: moet het vruchtgebruik ten aanzien van hem/haar worden ingebracht?

Connecteer met Wealth Structuring Services

Er zijn verschillende mogelijkheden om contact te houden...
- connecteer via Linked,
- schrijf je in op onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van actuele ontwikkelingen.

Contact


Zit je met een concrete vraag en wil je graag dat die bekeken wordt? Bel of mail Tim!

 

Nieuwsbrief


Wil je, vrijblijvend, op de hoogte blijven van de recentste ontwikkelingen? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief. Je ontvangt geregeld een mail met de nieuwe artikels.